Opdrachtgevers vragen regelmatig of een onderzoeksrapport “genoeg is voor de rechter”. Dat hangt minder af van de uitkomst dan van de manier waarop die tot stand is gekomen. Een rechter kijkt naar de vraagstelling, de gebruikte methoden en de vraag of de betrokkene heeft kunnen reageren.
Drie eisen aan het rapport
- Een controleerbare herkomst van elk feit, met datum en bron.
- Een scheiding tussen waarneming, verklaring en conclusie.
- Aantoonbaar hoor en wederhoor, ook als de betrokkene niet wilde reageren.
Onderzoek onder de Privacygedragscode particuliere onderzoeksbureaus is aan die eisen gebonden. Dat maakt de aanpak trager dan opdrachtgevers soms hopen, maar het is precies de reden dat het rapport in een procedure overeind blijft.
De grens
Een particulier onderzoeker heeft geen opsporingsbevoegdheden. Er wordt niet doorzocht, niet afgeluisterd en niet gevorderd. Wat er wel is: openbare bronnen, bedrijfsadministratie waarover de opdrachtgever beschikt, gesprekken met instemming en – onder strikte voorwaarden – waarneming. Binnen die grens is verrassend veel te reconstrueren.